Hittebelasting en werken in de kou
Een droge mond, geïrriteerde ogen, hoofdpijn, veelvuldige verkoudheid: klachten waarbij weersomstandigheden de boosdoener kunnen zijn. De weersomstandigheden hebben invloed op het comfort en productiviteit van de werknemers. In extreme gevallen kunnen kou of warmte leiden tot onomkeerbare gezondheidsschade.
Bij de aanpak van hittebelasting en voor werken in de kou staat de temperatuurbalans in het lichaam (de kerntemperatuur) centraal. Het is zaak om deze rond de 37 graden Celsius te houden. De kerntemperatuur komt tot stand door de omgeving, het metabolisme (de stofwisseling) en het regulerend vermogen van het lichaam. Het metabolisme is verantwoordelijk voor de interne warmteproductie van het lichaam. Deze warmte is een bijproduct van het verbrandingsproces tijdens ons metabolisme (de spijsvertering).
Bij een toename van activiteiten neemt ook de interne warmte toe, bovenop de omgevingsfactoren. Bij extreme warmte heeft het lichaam moeite om zijn kerntemperatuur niet te laten oplopen en dat brengt risico’s met zich mee. Ook als de temperatuur te veel daalt kunnen lichaamsfuncties verstoord raken. Daalt de kerntemperatuur tot onder de 35 gaden Celsius, dan is er sprake van onderkoeling. Onderkoeling kan een hartstilstand veroorzaken.
Opwarming en verkoeling van het lichaam tot gevaarlijke niveaus is te voorkomen door voorspellende normen te gebruiken die bijvoorbeeld een maximale verblijfstijd en rustverhouding voor te schrijven.